📖 0/604 pagina's gelezen
📄 523
كَذَٰلِكَ مَآ أَتَى ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِم مِّن رَّسُولٍ إِلَّا قَالُواْ سَاحِرٌ أَوۡ مَجۡنُونٌ  ۝٥٢ أَتَوَاصَوۡاْ بِهِۦۚ بَلۡ هُمۡ قَوۡمٌ طَاغُونَ  ۝٥٣ فَتَوَلَّ عَنۡهُمۡ فَمَآ أَنتَ بِمَلُومٍ  ۝٥٤ وَذَكِّرۡ فَإِنَّ ٱلذِّكۡرَىٰ تَنفَعُ ٱلۡمُؤۡمِنِينَ  ۝٥٥ وَمَا خَلَقۡتُ ٱلۡجِنَّ وَٱلۡإِنسَ إِلَّا لِيَعۡبُدُونِ  ۝٥٦ مَآ أُرِيدُ مِنۡهُم مِّن رِّزۡقٍ وَمَآ أُرِيدُ أَن يُطۡعِمُونِ  ۝٥٧ إِنَّ ٱللَّهَ هُوَ ٱلرَّزَّاقُ ذُو ٱلۡقُوَّةِ ٱلۡمَتِينُ  ۝٥٨ فَإِنَّ لِلَّذِينَ ظَلَمُواْ ذَنُوبًا مِّثۡلَ ذَنُوبِ أَصۡحَٰبِهِمۡ فَلَا يَسۡتَعۡجِلُونِ  ۝٥٩ فَوَيۡلٌ لِّلَّذِينَ كَفَرُواْ مِن يَوۡمِهِمُ ٱلَّذِي يُوعَدُونَ  ۝٦٠
Soera At-Tur
bismillah
وَٱلطُّورِ  ۝١ وَكِتَٰبٍ مَّسۡطُورٍ  ۝٢ فِي رَقٍّ مَّنشُورٍ  ۝٣ وَٱلۡبَيۡتِ ٱلۡمَعۡمُورِ  ۝٤ وَٱلسَّقۡفِ ٱلۡمَرۡفُوعِ  ۝٥ وَٱلۡبَحۡرِ ٱلۡمَسۡجُورِ  ۝٦ إِنَّ عَذَابَ رَبِّكَ لَوَٰقِعٌ  ۝٧ مَّا لَهُۥ مِن دَافِعٍ  ۝٨ يَوۡمَ تَمُورُ ٱلسَّمَآءُ مَوۡرًا  ۝٩ وَتَسِيرُ ٱلۡجِبَالُ سَيۡرًا  ۝١٠ فَوَيۡلٌ يَوۡمَئِذٍ لِّلۡمُكَذِّبِينَ  ۝١١ ٱلَّذِينَ هُمۡ فِي خَوۡضٍ يَلۡعَبُونَ  ۝١٢ يَوۡمَ يُدَعُّونَ إِلَىٰ نَارِ جَهَنَّمَ دَعًّا  ۝١٣ هَٰذِهِ ٱلنَّارُ ٱلَّتِي كُنتُم بِهَا تُكَذِّبُونَ  ۝١٤
51:52
كَذَٰلِكَ مَآ أَتَى ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِم مِّن رَّسُولٍ إِلَّا قَالُواْ سَاحِرٌ أَوۡ مَجۡنُونٌ  ۝٥٢
Zo kwam er tot degenen vóór hen geen Boodschapper, of zij zeiden: "(Hij is) een tovenaar, of een bezetene."
51:53
أَتَوَاصَوۡاْ بِهِۦۚ بَلۡ هُمۡ قَوۡمٌ طَاغُونَ  ۝٥٣
Dragen zij dit aan elkaar over (van geslacht op geslacht)? Zij zijn zelfs een overtredend volk.
51:54
فَتَوَلَّ عَنۡهُمۡ فَمَآ أَنتَ بِمَلُومٍ  ۝٥٤
Wend je daarom van hen af, dan wordt jou niets verweten.
51:55
وَذَكِّرۡ فَإِنَّ ٱلذِّكۡرَىٰ تَنفَعُ ٱلۡمُؤۡمِنِينَ  ۝٥٥
En vermaan: want voorwaar, de vermaning baat de gelovigen.
51:56
وَمَا خَلَقۡتُ ٱلۡجِنَّ وَٱلۡإِنسَ إِلَّا لِيَعۡبُدُونِ  ۝٥٦
En Ik heb de Djinn's en de mens slechts geschapen om Mij te dienen.
51:57
مَآ أُرِيدُ مِنۡهُم مِّن رِّزۡقٍ وَمَآ أُرِيدُ أَن يُطۡعِمُونِ  ۝٥٧
Ik wens geen voorzieningen van hen, en ik wens niet dat zij Mij voeden.
51:58
إِنَّ ٱللَّهَ هُوَ ٱلرَّزَّاقُ ذُو ٱلۡقُوَّةِ ٱلۡمَتِينُ  ۝٥٨
Voorwaar, Allah is de Voorziener, de Bezitter van sterke kracht.
51:59
فَإِنَّ لِلَّذِينَ ظَلَمُواْ ذَنُوبًا مِّثۡلَ ذَنُوبِ أَصۡحَٰبِهِمۡ فَلَا يَسۡتَعۡجِلُونِ  ۝٥٩
Voorwaar, de zonden van degenen die onrecht plegen zijn gelijk aan de zonden van hun soortgenoten (in vroegere generaties). Laten zij daarom Mij niet vragen (de bestraffing) te bespoedigen.
51:60
فَوَيۡلٌ لِّلَّذِينَ كَفَرُواْ مِن يَوۡمِهِمُ ٱلَّذِي يُوعَدُونَ  ۝٦٠
Wee dan degenen die ongelovig zijn op hun Dag die aangezegd is.
Soera At-Tur
bismillah
52:1
وَٱلطُّورِ  ۝١
Bij de berg (Sinaï).
52:2
وَكِتَٰبٍ مَّسۡطُورٍ  ۝٢
Bij een geschreven Boek.
52:3
فِي رَقٍّ مَّنشُورٍ  ۝٣
In een opengerold perkament.
52:4
وَٱلۡبَيۡتِ ٱلۡمَعۡمُورِ  ۝٤
Bij het veel bezochte Huis (de Ka'bah).
52:5
وَٱلسَّقۡفِ ٱلۡمَرۡفُوعِ  ۝٥
En het opgeheven gewelf (de hemel).
52:6
وَٱلۡبَحۡرِ ٱلۡمَسۡجُورِ  ۝٦
En de kolkende zee.
52:7
إِنَّ عَذَابَ رَبِّكَ لَوَٰقِعٌ  ۝٧
Voorwaar, de bestraffing van jouw Heer zal zeker plaatsvinden.
52:8
مَّا لَهُۥ مِن دَافِعٍ  ۝٨
Niemand kan hem tegenhouden.
52:9
يَوۡمَ تَمُورُ ٱلسَّمَآءُ مَوۡرًا  ۝٩
Op de Dag waarop de hemel heftig beeft.
52:10
وَتَسِيرُ ٱلۡجِبَالُ سَيۡرًا  ۝١٠
En de bergen zich verplaatsen.
52:11
فَوَيۡلٌ يَوۡمَئِذٍ لِّلۡمُكَذِّبِينَ  ۝١١
Wee op die Dag de loochenaars.
52:12
ٱلَّذِينَ هُمۡ فِي خَوۡضٍ يَلۡعَبُونَ  ۝١٢
Degenen die zich vermaken met ijdelheden.
52:13
يَوۡمَ يُدَعُّونَ إِلَىٰ نَارِ جَهَنَّمَ دَعًّا  ۝١٣
Op die Dag zullen zij met geweld naar de Hel worden geduwd.
52:14
هَٰذِهِ ٱلنَّارُ ٱلَّتِي كُنتُم بِهَا تُكَذِّبُونَ  ۝١٤
(En er zal gezegd worden:) "Dit is de Hel die jullie plachten te loochenen.


📚Juz 27 📄523 / 604



Mishary Rashid Alafasy
Mahmoud Khalil Al-Husary
Abdurrahman As-Sudais
Mohamed Siddiq Al-Minshawi
Abdul Basit Abdul Samad
Ali Al-Hudhaify
Ahmed ibn Ali al-Ajamy
Abu Bakr Ash-Shaatree
Muhammad Ayyoub
Abdullah Basfar
Abdullah Al-Juhani
Maher Al Muaiqly
0:00
0:00
-

Heilige Koran


Sunday, August 30, 2026

Don't forget us in your sincere prayers