Al-A'raf · 149/206
Vertaling Transliteratie — Soera Al-A'raf
وَلَمَّا سُقِطَ فِي أَيْدِيهِمْ وَرَأَوْا أَنَّهُمْ قَدْ ضَلُّوا قَالُوا لَئِن لَّمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا وَيَغْفِرْ لَنَا لَنَكُونَنَّ مِنَ الْخَاسِرِينَ ۝١٤٩
Wa lammaa suqita feee aideehim wa ra aw annahum qad dalloo qaaloo la`il lam yarhamnaa Rabbunaa wa yaghfir lanaa lanakoonanna minal khaasireen
📖 In het Nederlands
En toen spijt hen van voor en van achter overviel, en zij zagen dat zij waarlijk gedwaald hadden, zeiden zij: "Als onze Heer ons niet begenadigt en ons niet vergeeft, dan zullen wij zeker tot de verliezers behoren."

🎧 Luisteren
📜

Vertaling — Tafsir

Woorden die uitleg nodig hebben:

  • سُقِطَ فِي أَيْدِيهِمْ: Dit is een Arabische uitdrukking die betekent dat zij diep berouw voelden en ten zeerste spijt hadden van wat zij hadden gedaan. Het beeldt iemand af die zich hulpeloos en overweldigd voelt door wroeging, alsof hij in zijn eigen handen is gevallen.
  • ضَلُّوا: Zij dwaalden af van het rechte pad en raakten de weg naar de waarheid kwijt.
  • الْخَاسِرِينَ: Degenen die verlies lijden, zowel in dit leven als in het Hiernamaals, omdat zij hun kansen op succes hebben verspeeld.

Uitleg van de vers:

Toen de kinderen van Israël terugkeerden van hun aanbidding van het kalf, en zij het diepe berouw en grote spijt voelden over wat zij hadden gedaan, en zij met eigen ogen zagen dat zij werkelijk waren afgedwaald van het rechte pad door iets naast Allah te aanbidden, toen bekenden zij hun fout en wendden zij zich nederig tot hun Heer. Zij zeiden: "Als onze Heer ons geen genade schenkt door onze oprechte berouw te aanvaarden, en ons niet vergeeft wat wij hebben gedaan, dan zullen wij zeker behoren tot degenen die alles verloren hebben – zowel hun geloof als hun geluk in dit leven en het Hiernamaals."

Deze vers leert ons een belangrijke les: de deur van berouw staat altijd open voor degenen die oprecht terugkeren naar Allah. Zelfs na een grote zonde, zoals het aanbidden van een kalf in plaats van Allah, kunnen gelovigen vergeving ontvangen als zij oprecht berouw tonen. Dit toont de oneindige barmhartigheid van Allah, Die Zijn dienaren niet laat vallen, maar hen uitnodigt om terug te keren naar Hem. Het is een boodschap van hoop voor elke moslim: hoe groot de zonde ook is, de genade van Allah is groter. Laten wij daarom altijd terugkeren naar onze Heer met oprecht berouw, want Hij is de Meest Barmhartige en de Meest Vergevingsgezinde.



📜 Vers 147-151 — Soera Al-A'raf

147وَالَّذِينَ كَذَّبُوا بِآيَاتِنَا وَلِقَاءِ الْآخِرَةِ حَبِطَتْ أَعْمَالُهُمْ ۚ هَلْ يُجْزَوْنَ إِلَّا مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ
En degenen die Onze Tekenen en de ontmoeting in het Hiernamaals loochenden: hun werken zijn vructhteloos. Zij worden niet vergolden, behalve voor wat zij plachten te doen.
148وَاتَّخَذَ قَوْمُ مُوسَىٰ مِن بَعْدِهِ مِنْ حُلِيِّهِمْ عِجْلًا جَسَدًا لَّهُ خُوَارٌ ۚ أَلَمْ يَرَوْا أَنَّهُ لَا يُكَلِّمُهُمْ وَلَا يَهْدِيهِمْ سَبِيلًا ۘ اتَّخَذُوهُ وَكَانُوا ظَالِمِينَ
En het volk van Môesa maakte, na zijn vertrek (naar de berg Thôer). van hun (gouden) sieraden (een afgodsbeeld met) het lichaam van een kalf dat een loeiend geluid maakte. Beseften zij niet dat het in werkelijkheid niet tot hen kon spreken en hen geen weg kon wijzen? Zij namen het (ter aanbidding) en zij waren onrechtplegers.
149وَلَمَّا سُقِطَ فِي أَيْدِيهِمْ وَرَأَوْا أَنَّهُمْ قَدْ ضَلُّوا قَالُوا لَئِن لَّمْ يَرْحَمْنَا رَبُّنَا وَيَغْفِرْ لَنَا لَنَكُونَنَّ مِنَ الْخَاسِرِينَ
En toen spijt hen van voor en van achter overviel, en zij zagen dat zij waarlijk gedwaald hadden, zeiden zij: "Als onze Heer ons niet begenadigt en ons niet vergeeft, dan zullen wij zeker tot de verliezers behoren."
150وَلَمَّا رَجَعَ مُوسَىٰ إِلَىٰ قَوْمِهِ غَضْبَانَ أَسِفًا قَالَ بِئْسَمَا خَلَفْتُمُونِي مِن بَعْدِي ۖ أَعَجِلْتُمْ أَمْرَ رَبِّكُمْ ۖ وَأَلْقَى الْأَلْوَاحَ وَأَخَذَ بِرَأْسِ أَخِيهِ يَجُرُّهُ إِلَيْهِ ۚ قَالَ ابْنَ أُمَّ إِنَّ الْقَوْمَ اسْتَضْعَفُونِي وَكَادُوا يَقْتُلُونَنِي فَلَا تُشْمِتْ بِيَ الْأَعْدَاءَ وَلَا تَجْعَلْنِي مَعَ الْقَوْمِ الظَّالِمِينَ
En toen Môesa tot zijn volk terugkeerde, boos en bedroefd, zei hij: "Slecht is wat jullie in mijn plaat tijdens mijn afwezigheid hebben gedaan, wilden jullie het bevel (tot bestraffing) van jullie Heer verhaasten?" En bij zette de Tafelen haastig neer en bij greep zijin broeder bij zijn baard en trok hem naar zich toe. Hij (Hârôen) zei: "Zoon van mijn moeder, voorwaar, het volk heeft mij overweldigd en bijna hadden zij mij gedood. Laat de vijanden geen leedvermaak over mij hebben en stel mij niet gelijk aan het volk van onrechtplegers."
151قَالَ رَبِّ اغْفِرْ لِي وَلِأَخِي وَأَدْخِلْنَا فِي رَحْمَتِكَ ۖ وَأَنتَ أَرْحَمُ الرَّاحِمِينَ
Hij (Môesa) zei: "Mijn Heer, vergeef mij en mijn broeder en doe ons Uw Barmhartigheid binnengaan. En U bent de Barmhartigste der Erbarmers."
Al-A'rafKoran Register
206Vers
MekkaansRevelation
149Vers

Vertaling — Al-A'raf 149

Soera Al-A'raf Vers 149 - Lezen, Luisteren, Vertaling, Nederlands : En toen spijt hen van voor en van achter overviel,…

Soera Vers 149/206 — Soera Al-A'raf الأعراف (Mekkaans). Lezen Luisteren Vertaling (Nederlands). Luisteren: Soera Al-A'raf Luisteren, Soera Al-A'raf Vertaling, Soera Al-A'raf mp3, Soera Al-A'raf pdf. Vers 147–151. In het Nederlands: Deutsch.




Heilige Koran


Monday, September 7, 2026

Don't forget us in your sincere prayers