📖 0/604 pagina's gelezen
📄 568
فَلَيۡسَ لَهُ ٱلۡيَوۡمَ هَٰهُنَا حَمِيمٌ  ۝٣٥ وَلَا طَعَامٌ إِلَّا مِنۡ غِسۡلِينٍ  ۝٣٦ لَّا يَأۡكُلُهُۥٓ إِلَّا ٱلۡخَٰطِـُٔونَ  ۝٣٧ فَلَآ أُقۡسِمُ بِمَا تُبۡصِرُونَ  ۝٣٨ وَمَا لَا تُبۡصِرُونَ  ۝٣٩ إِنَّهُۥ لَقَوۡلُ رَسُولٍ كَرِيمٍ  ۝٤٠ وَمَا هُوَ بِقَوۡلِ شَاعِرٍۚ قَلِيلًا مَّا تُؤۡمِنُونَ  ۝٤١ وَلَا بِقَوۡلِ كَاهِنٍۚ قَلِيلًا مَّا تَذَكَّرُونَ  ۝٤٢ تَنزِيلٌ مِّن رَّبِّ ٱلۡعَٰلَمِينَ  ۝٤٣ وَلَوۡ تَقَوَّلَ عَلَيۡنَا بَعۡضَ ٱلۡأَقَاوِيلِ  ۝٤٤ لَأَخَذۡنَا مِنۡهُ بِٱلۡيَمِينِ  ۝٤٥ ثُمَّ لَقَطَعۡنَا مِنۡهُ ٱلۡوَتِينَ  ۝٤٦ فَمَا مِنكُم مِّنۡ أَحَدٍ عَنۡهُ حَٰجِزِينَ  ۝٤٧ وَإِنَّهُۥ لَتَذۡكِرَةٌ لِّلۡمُتَّقِينَ  ۝٤٨ وَإِنَّا لَنَعۡلَمُ أَنَّ مِنكُم مُّكَذِّبِينَ  ۝٤٩ وَإِنَّهُۥ لَحَسۡرَةٌ عَلَى ٱلۡكَٰفِرِينَ  ۝٥٠ وَإِنَّهُۥ لَحَقُّ ٱلۡيَقِينِ  ۝٥١ فَسَبِّحۡ بِٱسۡمِ رَبِّكَ ٱلۡعَظِيمِ  ۝٥٢
Soera Al-Ma'arij
bismillah
سَأَلَ سَآئِلُۢ بِعَذَابٍ وَاقِعٍ  ۝١ لِّلۡكَٰفِرِينَ لَيۡسَ لَهُۥ دَافِعٌ  ۝٢ مِّنَ ٱللَّهِ ذِي ٱلۡمَعَارِجِ  ۝٣ تَعۡرُجُ ٱلۡمَلَٰٓئِكَةُ وَٱلرُّوحُ إِلَيۡهِ فِي يَوۡمٍ كَانَ مِقۡدَارُهُۥ خَمۡسِينَ أَلۡفَ سَنَةٍ  ۝٤ فَٱصۡبِرۡ صَبۡرًا جَمِيلًا  ۝٥ إِنَّهُمۡ يَرَوۡنَهُۥ بَعِيدًا  ۝٦ وَنَرَىٰهُ قَرِيبًا  ۝٧ يَوۡمَ تَكُونُ ٱلسَّمَآءُ كَٱلۡمُهۡلِ  ۝٨ وَتَكُونُ ٱلۡجِبَالُ كَٱلۡعِهۡنِ  ۝٩ وَلَا يَسۡـَٔلُ حَمِيمٌ حَمِيمًا  ۝١٠
69:35
فَلَيۡسَ لَهُ ٱلۡيَوۡمَ هَٰهُنَا حَمِيمٌ  ۝٣٥
Op deze Dag heeft hij hier geen trouwe vriend.
69:36
وَلَا طَعَامٌ إِلَّا مِنۡ غِسۡلِينٍ  ۝٣٦
En er is geen voedsel den etter.
69:37
لَّا يَأۡكُلُهُۥٓ إِلَّا ٱلۡخَٰطِـُٔونَ  ۝٣٧
Niemand eet dat dan de zondaren.
69:38
فَلَآ أُقۡسِمُ بِمَا تُبۡصِرُونَ  ۝٣٨
Zo waarlijk zweer Ik bij wat jullie zien.
69:39
وَمَا لَا تُبۡصِرُونَ  ۝٣٩
En bij wat jullie niet zien.
69:40
إِنَّهُۥ لَقَوۡلُ رَسُولٍ كَرِيمٍ  ۝٤٠
Voorwaar, het is zeker het Woord (verkondigd door) een nobele Boodschapper.
69:41
وَمَا هُوَ بِقَوۡلِ شَاعِرٍۚ قَلِيلًا مَّا تُؤۡمِنُونَ  ۝٤١
En het is niet het woord van een dichter. Weinig is het dat jullie geloven.
69:42
وَلَا بِقَوۡلِ كَاهِنٍۚ قَلِيلًا مَّا تَذَكَّرُونَ  ۝٤٢
En het is niet het woord van een waarzegger. Weinig is de lering die jullie er uit trekken.
69:43
تَنزِيلٌ مِّن رَّبِّ ٱلۡعَٰلَمِينَ  ۝٤٣
(Het is) een neerzending van de Heer der Werelden.
69:44
وَلَوۡ تَقَوَّلَ عَلَيۡنَا بَعۡضَ ٱلۡأَقَاوِيلِ  ۝٤٤
En als hij (Moehammad) een paar woorden had verzonnen in Onze Naam.
69:45
لَأَخَذۡنَا مِنۡهُ بِٱلۡيَمِينِ  ۝٤٥
Dan zouden Wij hem met kracht gegrepen hebben.
69:46
ثُمَّ لَقَطَعۡنَا مِنۡهُ ٱلۡوَتِينَ  ۝٤٦
En dan zouden Wij zijn hartslagader doorgesneden hebben.
69:47
فَمَا مِنكُم مِّنۡ أَحَدٍ عَنۡهُ حَٰجِزِينَ  ۝٤٧
En niemand van jullie zou dat voor hem kunnen verhinderen.
69:48
وَإِنَّهُۥ لَتَذۡكِرَةٌ لِّلۡمُتَّقِينَ  ۝٤٨
En voorwaar, hij (de Koran) is zeker een Vermaning voor de Moettaqôen.
69:49
وَإِنَّا لَنَعۡلَمُ أَنَّ مِنكُم مُّكَذِّبِينَ  ۝٤٩
En voorwaar, Wij kennen zeker de loochenaars onder jullie.
69:50
وَإِنَّهُۥ لَحَسۡرَةٌ عَلَى ٱلۡكَٰفِرِينَ  ۝٥٠
En voorwaar, hij (de Koran) zal voor de ongelovigen zeker een oorzaak van spijt zijn.
69:51
وَإِنَّهُۥ لَحَقُّ ٱلۡيَقِينِ  ۝٥١
En voorwaar, het is een zekere Waarheid.
69:52
فَسَبِّحۡ بِٱسۡمِ رَبِّكَ ٱلۡعَظِيمِ  ۝٥٢
Prijs daarom de Naam van jouw Heer, de Geweldige.
Soera Al-Ma'arij
bismillah
70:1
سَأَلَ سَآئِلُۢ بِعَذَابٍ وَاقِعٍ  ۝١
Een vraagsteller vroeg over een bestraffing die vallen zal.
70:2
لِّلۡكَٰفِرِينَ لَيۡسَ لَهُۥ دَافِعٌ  ۝٢
Voor de ongelovigen is er geen afweer tegen.
70:3
مِّنَ ٱللَّهِ ذِي ٱلۡمَعَارِجِ  ۝٣
(Die komt) van Allah, de Bezitter van de trappen.
70:4
تَعۡرُجُ ٱلۡمَلَٰٓئِكَةُ وَٱلرُّوحُ إِلَيۡهِ فِي يَوۡمٍ كَانَ مِقۡدَارُهُۥ خَمۡسِينَ أَلۡفَ سَنَةٍ  ۝٤
(Waarvandaan) de Engelen en de Geest (Djibrîl) tot Hem opstijgen in een dag waarvan de maat vijftigduizend jaren is.
70:5
فَٱصۡبِرۡ صَبۡرًا جَمِيلًا  ۝٥
Volhard daarom geduldig op gepaste wijze.
70:6
إِنَّهُمۡ يَرَوۡنَهُۥ بَعِيدًا  ۝٦
Voorwaar, zij zien haar (de bestraffing) van ver weg.
70:7
وَنَرَىٰهُ قَرِيبًا  ۝٧
Maar Wij zien haar van nabij.
70:8
يَوۡمَ تَكُونُ ٱلسَّمَآءُ كَٱلۡمُهۡلِ  ۝٨
Op die Dag zal de hemel als gesmolten metaal zijn.
70:9
وَتَكُونُ ٱلۡجِبَالُ كَٱلۡعِهۡنِ  ۝٩
En zullen de bergen als (vlokken) wol zijn.
70:10
وَلَا يَسۡـَٔلُ حَمِيمٌ حَمِيمًا  ۝١٠
En geen trouwe vriend zal naar een (andere) trouwe vriend vragen.


📚Juz 29 📄568 / 604



Mishary Rashid Alafasy
Mahmoud Khalil Al-Husary
Abdurrahman As-Sudais
Mohamed Siddiq Al-Minshawi
Abdul Basit Abdul Samad
Ali Al-Hudhaify
Ahmed ibn Ali al-Ajamy
Abu Bakr Ash-Shaatree
Muhammad Ayyoub
Abdullah Basfar
Abdullah Al-Juhani
Maher Al Muaiqly
0:00
0:00
-

Heilige Koran


Tuesday, September 1, 2026

Don't forget us in your sincere prayers